Studie-opzet

De opzet van de studie is onderaan de pagina weergegeven in een schema. Hier zal een aantal keren in de tekst naar verwezen worden.

Om de bloeddruk bij patiënten met een blijvend hoge bloeddruk toch te laten dalen, hebben we een nieuwe methode ontwikkelt. Patiënten die geschikt blijken voor het onderzoek worden gedurende 1 jaar vervolgd. Dit gebeurt in hun eigen ziekenhuis bij hun behandelend arts.

Gedurende dat jaar zullen er 5 afspraken volgen. Bij 4 van de 5 afspraken zal de patiënt een vingerprik en een 24-uurs bloeddrukmeting krijgen (zie schema). De vingerprik is bedoeld om een aantal druppels bloed af te nemen, zodat de hoeveelheid bloeddrukverlagers in het bloed gemeten kan worden. Bij een ene gedeelte van de patiënten zal deze uitslag wel besproken (groep 1) worden tijdens de consulten en bij de andere groep niet (groep 2). De indeling in groepen wordt bepaald door loting (zie schema).

Tijdens het tweede bezoek vindt er geen vingerprik en bloeddrukmeting plaats, maar zal de arts uitgebreid feedback geven op de eerste meting van de vingerprik. Dit vindt alleen plaats bij de patiënten die ingedeeld zijn in groep 1 (zie schema). Alle patiënten zullen in ieder geval de standaard zorg krijgen tijdens de consulten.

Bij het laatste bezoek zal er ook nog een buisje bloed worden afgenomen voor de onderzoekers om te kijken of bepaalde stoffen in het bloed een voorspellende waarde hebben voor een verhoogde bloeddruk.

Meer uitleg vindt u in de Patiëntenfolder NL.